De taal van God spreken

Pinkstervlammetjes

Marc Massaer

Broeders en zusters in Christus,

In de zomer van het jaar 2010 trok een kleine tornado over de Peel, waarbij er in Neerkant en Helenaveen tussen de 500 en 1000 bomen sneuvelden. De kracht van de storm was verbijsterend: enorm grote bomen kwamen door de wind in beweging en lagen overal verspreid en dwars over de weg. Dit uitzonderlijke natuurfenomeen haalde toen de landelijke pers. Als de wind van nature al zo sterk is, hoe groot moet de kracht van de wind van de heilige Geest dan wel niet zijn.

Met Pinksteren komt de kerk in beweging en verspreidt het geloof zich in een mum van tijd als een lopend vuurtje over de wereld van toen. Het vuur van het begin zette de hele wereld in vuur en vlam. Het was een indrukwekkende gebeurtenis, en dan te weten dat er toen geen auto's, vliegtuigen en treinen waren. Grote daden deed God in het begin van de kerk met op sommige bijeenkomsten wel 5000 dopelingen. Van angstige naar enthousiaste gelovigen, dat is het resultaat van de werking van de H. Geest. Gods Geest raakt het hart van mensen en laat hun de liefde van God ervaren.

Het feit dat de kerk is opgebouwd door eenvoudige vissers is op zich al een groot wonder. Het laat zien dat God grote daden en wonderen kan doen met nederigen en zachtmoedigen van hart. Opmerkelijk is het dat God niet kijkt naar de positie of de titels die iemand heeft verworven, maar dat hij mensen in dienst neemt die het hart op de juiste plaats hebben.
In Babylon, toen de mensen in hun hoogmoed een toren tot in de hemel wilden bouwen, heeft God via de taal van de mensen verwarring gezaaid. In Jeruzalem geeft God de apostelen de genade meerdere talen te spreken om eenheid tussen God en de mensen en tussen de mensen onderling te brengen. Het is de taal van de liefde die zorgt voor eenheid, vrede en vreugde.

De kern van de verkondiging van de apostelen is en blijft de verrijzenis van Jezus met alle mogelijke wonderen van Jezus, die ze met eigen ogen hebben gezien en meegemaakt. Als je eenmaal zelf hebt meegemaakt dat het geloof ook echt werkt en jou zo veel liefde en vreugde schenkt, dan wil je dit geloof niet loslaten en niet voor jezelf houden. Je wilt dat anderen ook mogen delen in dit geloof en in de liefde. De liefde is het enige wat zich vermenigvuldigt als je haar deelt. Het geloof beleven en doorgeven is een permanente opdracht voor iedere christen. Als je maar af en toe met de auto rijdt, dan zul je nooit vlot leren rijden en kun je zelfs een gevaar op de weg vormen. Zo is het ook met het geloof: er maar af en toe mee bezig zijn, werkt niet. Als je voortdurend met het geloof bezig bent, dan pas ontdek je hoe wonderbaarlijk mooi het in elkaar steekt en wat een zegen en genade het is om te mogen geloven en te leven vanuit Gods liefde en Gods barmhartigheid.

De oproep tot verkondiging van Gods grote daden die wij hebben mogen ervaren in ons leven, geldt voor ieder van ons. Dit Pinksterfeest nodigt ons uit Gods grootse liefde en nabijheid uit te dragen. Het verhaal van Pinksteren toont ons dat niet alleen het beoefenen van concrete vormen van naastenliefde een effectief middel is, maar ook het spreken van de juiste taal. De pelgrims van Jeruzalem stonden verwonderd over de nieuwe talen die de leerlingen in de kracht van de Geest konden spreken. Gesterkt door diezelfde heilige Geest mogen ook wij de taal van God spreken. Het is een taal van nabijheid, liefde en vertrouwen, van vrede, vergeving en geduld. Wanneer† iemand bedroefd is, spreken we dus een troostend woord; wanneer iemand depressief is een bemoedigend woord en wanneer iemand van God is losgeraakt, een gelovig woord. Maar we spreken ook een oppeppend woord wanneer iemand een crisis bijna te boven is; we feliciteren iemand wanneer deze geluk kent of een feestje te vieren heeft, en geven een compliment wanneer iemand tot vergeving is gekomen. Voor iedere situatie is er wel een toepasselijk woord.

Moge de Geest Gods ons bemoedigen en inspireren om steeds de juiste woorden te vinden en te spreken. Aan u† allen een zalig en vreugdevol Pinksteren. Amen.

Printversie