Bartimeüs is lichamelijk blind, niet spiritueel

Jezus en Bartimeüs

Marc Massaer

Broeders en zusters in Christus,

Een jong, opgroeiend kind denkt het centrum van de wereld zijn. Geleidelijk aan zal het moeten leren rekening te houden met anderen én met God. Kleine kinderen willen na verloop van tijd alles zelf doen; ze willen zichzelf kunnen redden. Toch kan niemand alles alleen want iedereen heeft behalve zijn talenten ook beperkingen. Boven-dien hoef je niet alles zelf te kunnen. Leren een beroep te doen op andere mensen en beseffen dat je anderen nodig hebt, dat is een levenswijsheid die het leven een stuk gemakkelijker maakt.
In heel wat dorpen zijn zelfredzaamheidsgroepen. Prachtig dat deze vrijwilligers zich uit dienstbaarheid inzetten om allerhande klusjes te doen voor mensen die door ziekte of ouderdom misschien minder mobiel zijn. Zo groeit de verbondenheid met elkaar en dat is een goede zaak.
In het Midden-Oosten denken terroristen dat ze zich redden en toegang tot de hemel krijgen door zichzelf en daarbij anderen op te blazen. In de media zijn berichten hierover schering en inslag. Groot kwaad doen en denken dat God je daarvoor beloont, is je reinste waanzin. Het is een vorm van hoogmoed die tegen de geboden van God ingaat.

Kun je jezelf als mens wel redden en in het koninkrijk der hemelen komen? Dit is een belangrijke vraag, waarop we een antwoord kunnen vinden in de lezingen van deze zondag. Welke beeld van God je hebt en hoe je God betrekt bij je leven is beslissend voor de vraag of je deel hebt aan de redding of verlossing door God.
In de eerste lezing schrijft de profeet over de redding van het volk Israël uit de ballingschap. Het Joodse volk ervaart geen afstandelijke God maar een die het Joodse volk nabij is. God redt als het volk tot Hem roept. Als de nood het hoogste is, is de redding nabij, zegt het spreekwoord.
In de evangelielezing is het Bartimeüs die tot Jezus roept. Hij mag ervaren dat Jezus hem bevrijdt van zijn blindheid en hem zo redt. Hoewel de massa Bartimeüs toesnauwt, blijft hij vanuit de diepte van zijn hart roepen tot Jezus. Hiermee laat hij een groot geloof in Jezus zien. Lichamelijk blind zijn is erg, maar spiritueel blind is nog veel erger. Leven in het licht of leven in de duisternis, het maakt een wereld van verschil uit. Wie gelooft in God, die zoekt Christus want Christus is het Licht der wereld.

Hoe komt het dat iemand een diep geloof heeft in God, terwijl iemand anders onverschillig blijft ten opzichte van God?
Het hangt nauw samen met je houding ten opzichte van Jezus Christus en zijn kerk. Een gelovige aan-vaardt Jezus als het centrum van zijn leven. Hij of zij weet zich afhankelijk van God en vertrouwt erop dat Jezus redding brengt bij alles wat er kan gebeuren. Als je in een noodsituatie of bij het nemen van een belangrijke beslissing hebt mogen ervaren dat God naar je gebed luistert en je helpt, dan ga je op weg in het avontuur van het geloof. Geloven in God is zegen op zegen ontvangen van God en met je talenten de kerk mee opbouwen. Een ongelovige daarentegen denkt God niet nodig te hebben of wil dat God naar zijn of haar pijpen danst. God alleen maar als brandweerman of Sinterklaas aanroepen, dat is wel erg oppor-tunistisch en werkt op de lange termijn niet. God verwacht dat wij Hem bij heel ons leven betrekken en Hem danken voor zijn hulp, goedheid en barmhartigheid.

Jezus wil met iedere mens een persoonlijke, liefdevolle relatie. God roept ons op samen te komen in de kerk om te luisteren naar zijn woorden en de verlossing of de redding te vieren door Christus in de H. Eucharistie. Ecclesia, een woord uit het Grieks, is de door God bijeengeroepen gemeenschap van gelovi-gen, oftewel de kerk. Te weinig staan wij erbij stil dat Christus zijn leven heeft gegeven voor ons en dat wij dankzij Hem bevrijde mensen zijn, die mogen leven als vrije kinderen van God. Inzien dat je God nodig hebt, dat maakt je tot een gelovige. Die vrijheid vasthouden midden in de wereld waarin wij leven, het blijft een hele opgave want de wereld roept en houdt ons af van God. De wereld zegt dat het geluk alleen in wereldse en materiële dingen te vinden is. Wij leven weliswaar midden in de wereld maar zijn niet van deze wereld. Wij zijn gezonden om Jezus’ blijde boodschap in woorden en daden gestalte te geven. Wij christenen horen bij God en dienen te leven in overeenstemming met Gods wil en Gods Woord.

Moge de Heer ons de genade schenken om ons geloof verder uit te diepen en te leven zoals Jezus Christus dat ons heeft voorgedaan in de kracht van de H. Geest. Amen.

Printversie